16 Ouderenadviseur Algemene kenmerken De Ouderenadviseur is werkzaam in welzijnsinstellingen die zich richten op maatschappelijke activering en participatie van diverse doelgroepen. Deze functie is specifiek gericht op ouderen, maar kan zich ook richten op bijvoorbeeld chronisch zieken en gehandicapten. De ouderenadviseur werkt over het algemeen voor en ondersteunt zelfstandig wonende ouderen die ten gevolge van toenemende problemen of afnemend probleemoplossend vermogen geen vat meer hebben op de inrichting van hun leven. Zij zijn zelf niet in staat om een passend hulpaanbod te vinden en/of zij maken niet voldoende gebruik van bestaande voorzieningen. De ouderen hebben problemen op het terrein van welzijn en/of wonen, veelal gecombineerd met somatische, (psycho) sociale en/of psychogeriatrische problemen. Er is veelal sprake van meervoudig complexe vraagstukken. Doel van de f unct ie Het verstrekken van persoonsgerichte informatie, advies en begeleiding geven waardoor de zelfredzaamheid en het welbevinden van ouderen wordt behouden of vergroot, het geven van invulling aan de dagbesteding. Uitgangspunt daarbij is dat de oudere zoveel mogelijk de regie over zijn eigen leven behoudt. Organisat orische positie De Ouderenadviseur ressorteert hiërarchisch onder de leidinggevende van de afdeling waarbinnen de functie is gepositioneerd. De Ouderenadviseur geeft zelf geen leiding. Resultaat gebieden Contacten leggen en onderhouden  Benadert individuele cliënten na doorverwijzing;  Houdt (inloop)spreekuren op verschillende locaties;  Legt huisbezoeken af bij cliënten;  Onderhoudt contacten met een breed netwerk, zoals huisartsen, ouderenwerkers, maatschappelijk werkers, andere instellingen en dergelijke; Resultaat: Contacten gelegd en onderhouden, zodanig dat de doelgroep bereikt is en er bekendheid aan de functie is gegeven.  Geeft bekendheid aan de functie en de dienstverlening van de ouderenadviseur. Hulpvraag signaleren, inventariseren en onderzoeken  Oriënteert zich op de leefsituatie van de cliënt en signaleert, inventariseert en onderzoekt de hulpvraag;  Brengt de wensen, behoeften, problemen en hulpvragen in kaart samen met de cliënt;  Verkent systematisch de leefsituatie van de cliënt, bijvoorbeeld door het netwerk, de financiële situatie, de gezondheid en de zelfredzaamheid van de cliënt in kaart te brengen;  Bespreekt wensen, behoeften, problemen en hulpvragen van de cliënt in teamverband en formuleert mogelijke oplossingsrichtingen;  Signaleert en analyseert behoeften en problemen in de samenleving.  Signaleert gemeenschappelijke oorzaken voor knelpunten bij meerdere individuele cliënten evenals lacunes in het voorzieningenaanbod en de hulp- en dienstverlening. rapporteert hierover ten behoeve van beleidsaanpassingen; CAO Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening 2014 - 2016 106 Pagina 105

Pagina 107

Voor edities, online vaktijdschriften en gebruiksaanwijzingen zie het Online Touch CMS systeem. Met de mogelijkheid voor een webwinkel in uw presentaties.

CAO WMD Lees publicatie 10Home


You need flash player to view this online publication